Door de ogen van een insect

5 mei 2025

Veel van mijn foto’s hebben planten en insecten als hoofdonderwerp. Die twee hebben een interessante relatie met elkaar: planten hebben zich zo aangepast dat ze insecten aantrekken die hen helpen met de bestuiving, hiervoor geven ze stuifmeel en nectar als beloning. Om de insecten te helpen hebben veel bloemen een voor de mens onzichtbaar patroon van UV-licht. Insecten zoals bijen kunnen dit wel zien. Een bloem die voor ons helemaal geel is, kan voor een bij een donker hart hebben van de UV reflectie, zodat ze snel weten waar ze nectar kunnen vinden. Behalve UV-licht zien ze ook de voor ons zichtbare kleuren anders. Zo zijn bijen kleurenblind voor rood en groen en zien ze bijvoorbeeld ‘ons’ wit als blauwgroen. Rood is dan ook een bloemkleur die bij onze inheemse planten minder vaak voorkomt. Wereldwijd zijn geel en wit de meest voorkomende bloemkleuren, dit zijn kleuren die veel insecten zien. En blauw is er bijvoorbeeld minder, want die is lastig te maken voor een plant (Casper van der Kooi, Universiteit van Nederland, luisterfragment).
Ik ben de afgelopen weken veel buiten geweest om, door mijn lens, van de lente te genieten. Bijvoorbeeld deze ‘weidehommel op daslook‘, waarbij ik het scherm van mijn camera schuinomhoog had geklapt om makkelijker uit de hand vanuit een laag standpunt te schieten. Voor deze snelle vliegers is het nodig om mobiel te zijn, dus ik heb geprobeerd zoveel mogelijk omstandigheden goed te krijgen om uit de hand te kunnen schieten (F2.8; 1/2000; ISO 100; 105mm). Een fijn hulpmiddel hierbij is het programmeren van de zogenaamde ‘focus magnifier’ onder een van de snelknoppen. Voor wie meer wil weten, Albert Dros legt het hier duidelijk uit vind ik.